Verdieping
In het voormalige Stijfveen is veel turf gewonnen, tot en met de jaren ’50 lagen er meerdere veenputten bij elkaar. Vanaf 1955 wordt het Stijfveen voor het eerst als open watertje afgebeeld, toen nog zonder groene rand er om heen. Deze is zich gaan ontwikkelen in de jaren hierna. Het is niet zo dat deze groene rand echt als rand van de pingoruïne gezien kan worden, het gehele groene gebied ligt nog in de depressie. Dit is ook goed te zien op het fragment van de hoogtekaart van het huidige Boekweitenveen.

(hoogtekaart 200m)

(hoogtekaart 100m)
Het Boekweitenveen is nu verworden tot een bosje, zoals we dat vaak bij pingoruïnes zien. Het zijn vaak de kernen van de pingoruïnes die zich hebben omgevormd tot een bosje, al het omliggende terrein er rondom, is vaak onderdeel geworden van het agrarisch cultuurlandschap.

(foto Boekweitenveen als bosje)

(Dinoboring rand Boekweitenveen)
Deze dinoboring is gezet aan de zuidwest rand van het Boekweitenveen en laat onder een pakket opgebrachte grond/zand (grijs) een 20cm dik veenpakket zien, waaronder 30 cm zandige gyttja aanwezig is. Dit ligt op een pakket grindig dekzand van 50 cm op zand van de Formatie van Peelo. Keileem ontbreekt hier. Een nabij gelegen bodemkundige boring laat hier 1,15 meter -zandig- veen zien op lemig zand.
Het huidige Stijfveen heeft slechts een dun veenpakket op dekzand.
