Verdieping

Peest werd in de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers gebruikt als strategisch punt. Zij hebben aanzienlijk ingegrepen in en rond het Westerveen, o.a. met de aanleg van 5 brandweerputten en verhardingen langs de randen van het water. In 1941 werden inwoners van Norg en omgeving gesommeerd mee te werken met de aanleg van een vliegveld. In het drassige gebied, net buiten Peest, werden vier landingsbanen gerealiseerd. Hoewel het vliegveld in Peest lag, was de officiële Nederlandse naam Vliegveld Norg. De Duitsers noemden het ‘Fliegerhorst Norg’ en de geallieerden ‘Aerodrome Norg’. De landingsbanen bleken echter veel te drassig voor vliegtuigen, waardoor het vliegveld slechts één maal gebruikt is. Ook was de oorlog al bijna voorbij toen het vliegveld gereed was.

Het vergraven veen diende tevens als watervoorziening in geval van brand. In de buurt van het vliegveld ligt ook het Benzinebosje dat zijn naam ontleent aan de brandstof die er tijdens de oorlog lag opgeslagen in lange sleuven.

Naast het vliegveld en het Westerveen werd tevens een bunker gebouwd. Deze bunker is nu de rustplaats voor vleermuizen en daarom niet te bezichtigen.

Vanuit aardkundig perspectief blijft het een interessante locatie. Volgens Henk Woldring is het geen pingoruïne, maar hij heeft er om dezelfde redenen geen booronderzoek verricht.

(luchtfoto)

Inmiddels blijkt op het Dinoloket wel een beperkt aantal boringen aanwezig. De Geologische boring is aan de westrand in het veen gezet en laat een 80cm dikke laag verstoorde bodem zien op een 30cm dik veenpakket, dit ligt op een dunne laag dekzand, waaronder weer keileem aanwezig is dat op zand van de formatie van Peelo ligt (zie boorprofiel hieronder).

De Bodemkundige boring is verder naar het middel gezet. Ook hier ligt een dik pakket van verstoorde grond, maar direct daaronder ligt (veenmos)veen. Deze boring gaat echter niet dieper dan 1,5m. We kunnen dus geen definitieve uitsluiting geven over deze locatie.

(geologische boring)

(bodemkundige boring)