Pingo Programma

Pingo Programma Drenthe
Drenthe kent een zeer hoge dichtheid aan -mogelijke- pingoruïnes en uitblazingskommen, zo’n 2500! Dit is de hoogste dichtheid van Nederland en zelfs West Europa (fig. 1). Deze laagtes in het landschap zijn nu vaak herkenbaar als kleine ronde watertjes of kleine veentjes. Soms vallen ze helemaal niet op en vormen ze een onderdeel van het agrarisch cultuurlandschap, en zijn ze alleen herkenbaar op de hoogtekaart.

Alle locaties van –mogelijke- pingoruïnes. Elke locatie heeft een eigen nummer, zie hiervoor de –interactieve- kaart .
Pingoruïnes en uitblazingskommen zijn gevormd aan het einde van de laatste ijstijd, het Weichselien. Gedurende het Weichselien was er geen landijs aanwezig, maar heerste er wel een ijstijdklimaat en was de bodem permanent bevroren. Dit wordt permafrost genoemd. De wind had veel grip op het landschap en vormde naast dekzandruggen en kopjes, ook de uitblazingskommen.
Op andere plekken stroomde diep grondwater door de bevroren bodem naar het oppervlak, hier bevroor het water en zo vormden zich ijslenzen. Deze ijslenzen groeiden door tot kleine heuvels: de pingo’s. In de eindfase van het Weichselien, in het Bølling- en in het Allerød interstadiaal, traden sterke temperatuurwisselingen op. Gedurende relatief korte perioden (resp. 600 en 1000 jaar) was het veel warmer en vervolgens weer veel kouder. In het Bølling was er weer vegetatie aanwezig, zoals berk, wilg en jeneverbes en toen het in het Allerød opnieuw warm werd, werden de berkenbossen vervangen door dennenbos. Meer informatie over het ontstaan van de pingo’s en pingoruïnes wordt uitgelegd onder het kopje Pingoruïnes in de groene balk.
In de eerste warmere periode, het Bølling, zo’n 15.000 jaar geleden, ontdooide de bevroren bodem en smolten de ijslenzen. Hierdoor bleven laagtes achter in het landschap. Sinds die periode vulden de depressies zich met water, gyttja en later met veen. In dit organisch materiaal, is veel informatie opgeslagen, zoals stuifmeel of pollenkorrels van de vegetatie uit de omgeving in de loop van de tijd. Dit maakt dat deze locaties zulke waardevolle klimaatarchieven!
Veel van deze locaties zijn in het verleden, tot in de Tweede Wereldoorlog, deels of geheel uitgeveend. Het veen werd gedroogd, zodat men het tot turven kon steken en met water gevulde laagtes, die ook wel dobbes worden genoemd, bleven achter.
Toch zijn er ook nog vrij gave pingoruïnes, het zijn vaak natte plekken in het land, zoals een drassig stukje grond of zelfs laagtes in het bos. We herkennen ze nu als ronde laagtes in het landschap. Ze liggen niet alleen in de natuurgebieden, maar ook in het agrarisch cultuurlandschap en soms zelfs in de bebouwing.
Het is dus niet vreemd dat juist in Drenthe een Pingo Programma is gestart, met een breed programma rond drie grote thema’s, te weten Wetenschappelijk onderzoek, Beheer & Beleid en Recreatie & Educatie. Veel organisaties zijn erbij betrokken en er is gezamenlijk en multidisciplinair aandacht besteed aan deze bijzondere landschapselementen.

Het ondertekende convenant en de vertegenwoordigers van de diverse betrokken organisaties.
Per hoofdthema is een werkgroep gevormd, waaraan de direct betrokken organisaties hebben deelgenomen. Alle drie de werkgroepen volgden een eigen traject, waarbij we op alle niveaus kennis wilden ontwikkelen en delen. Het Pingo Programma kende 3 fasen, de eerste vond plaats in 2016-2017, de tweede tussen 2018-2020 en de derde tussen 2021-2023.
Veldwerk
Tijdens het veldwerk is het onderzoek uitgevoerd doormiddel van het zetten van boringen in zogenaamde raaien, waarbij om de 10 of 20m en afhankelijk van de omstandigheden, kon worden vastgesteld of het om pingoruïnes of uitblazingskommen ging. De boorgegevens zijn uitgewerkt tot profielen en op de gaafste locaties zijn ook veenkernen gestoken voor nader -pollen- onderzoek door Wim Hoek van de Universiteit van Utrecht. Ook was er aandacht voor de randwallen, ook al zijn deze vaak niet duidelijk zichtbaar in het veld. Naast het veldonderzoek met wetenschappers en studenten tijdens de drie Summer schools, is er ook veel veldwerk uitgevoerd vrijwilligers, bewoners en belangstellenden onder leiding van Anja Verbers van Landschapsbeheer Drenthe. Buiten de Summer schools is veel onderzoek gedaan vanuit Landschapsbeheer Drenthe met bewoners, vrijwilligers en beangstellenden etc. Soms vanuit gerichte vragen vanuit gemeenten, adviesbureaus etc. Ook werden er veel lezingen verzorgd.
Educatie
Basisschool kinderen in Drenthe hebben in de eerste fase van het Pingo Programman onder leiding van het IVN een educatief traject volgen. Landschapsbeheer Drenthe verzorgde in de loop van het hele Pingo Programma daarnaast nog veldwerk met leerlingen van diverse middelbare scholen, zoals in het kader van de KNAG Geoweek. Zij kwamen niet alleen uit Drenthe, maar ook uit Friesland en Overijssel.
Beheer en behoud
Een ander belangrijk onderdeel van het Pingo Programma bestaat uit het ontwikkelen van het beste beheer van deze bijzondere locaties. Er zijn zoveel verschillende situaties, die steeds om ander beheer kunnen vragen, zoals het tegengaan van verdroging, het wel of juist niet meer opschonen, het verwijderen van opslag etc.. Alle voorkomende waarden, aardkundig, archeologisch, cultuurhistorisch en ecologisch moeten namelijk goed worden afgewogen om het juiste en een zorgvuldig beheer toe te kunnen passen.
Beleving
Naast het onderzoek en beheer willen we ook aandacht voor het beleven van deze bijzondere landschapselementen. Er zijn een paar routes ontwikkeld waarbij je langs de diverse pingoruïnes en uitblazingskommen loopt. Daarnaast hebben pingoruïnes en uitblazingskommen inmiddels zoveel aandacht gekregen, dat er op diverse locaties informatiepaneeltjes aanwezig zijn.
Tot slot
Het Pingo Programma is een breed programma geweest met een hoge ambitie, maar het is onmogelijk om alle potentiële locaties fysiek te onderzoeken. In de loop van de tijd, ook na het Programma, blijft er aandacht en vraag naar het doen van onderzoek. We zullen op deze website de nieuwe informatie verwerken op de kaart, zodat u op de hoogte blijft van de verkregen informatie.
We stellen het op prijs als u, als eigenaar en/of landschapskenner uw kennis en verhalen over deze locaties met ons wilt delen, zodat nieuwe informatie aan de kaart of site kan worden toegevoegd. Zo blijft de site actueel en kunnen we nog meer informatie delen. Een deel van alle –mogelijke- pingoruïnes zal uiteindelijk een uitblazingskom blijken te zijn, of nog een andere oorsprong hebben. Een deel zal geheel verstoord zijn en mogelijk zelfs volgestort. Ook dit moet onderzocht worden. Maar er zijn ongetwijfeld nog vele mooie en waardevolle locaties aanwezig, en hier moeten we dan ook met zorg mee omgaan.
We willen bereiken dat zowel bewoners van Drenthe als recreanten en belangstellenden bekend raken met deze bijzondere situatie in Drenthe en we hebben nu, anno 2025 het idee dat dat aardig is gelukt!
Het Pingo Programma werd mede mogelijk gemaakt door de provincie Drenthe, de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE), het (Prins Bernhard) Cultuurfonds, het Helena Vrucht fonds en het Recreatieschap. Het programma is uitgevoerd door Landschapsbeheer Drenthe.

